|
Samenvatting:
Glastuinbouw toont dat technische innovatie een tweede natuur is
De Nederlandse glastuinbouw is niet alleen bekend om zijn verse bloemen, planten, groenten en fruit, maar ook om de hoogstaande technische oplossingen die zij ontwikkelt en toepast. Ten opzichte van tuinders in warme landen, zoals rond de Middellandse Zee, in Afrika of Zuid-Amerika, moet de Nederlandse ondernemer veel meer energie gebruiken om de tropische planten en bloemen, maar ook groenten het hele jaar door vers te kunnen aanbieden. Dit energieverbruik was jarenlang een pure kostenpost, maar geen onoverkomelijke.
Echter de energiewereld verandert snel; de voorraden worden schaarser en prijzen stijgen snel. Minstens zo belangrijk is ook de maatschappelijke bezorgdheid rondom het thema klimaat. De aarde warmt op, het klimaat verandert, waardoor de noodzaak voor ondernemers in de glastuinbouw des te groter is om het energieverbruik en hun belasting op de leefomgeving in het algemeen te minimaliseren. De tuinbouwsector is zich daar terdege van bewust. Eigenlijk al sinds de eerste oliecrisis, in 1973, maar vooral na de tweede oliecrisis in 1979, is de ‘drive’ om zuinig met energie om te gaan een tweede natuur geworden. Hoge energieprijzen betekenen gewoon minder inkomsten voor een glastuinder. Toch is de technische ontwikkeling op dit punt juist in de afgelopen tien jaar in een stroomversnelling geraakt.
Belangrijke reden hiervoor is de enorme schaalvergroting die de glastuinbouwsector momenteel doormaakt. Niet zelden vertienvoudigt het oppervlak van een modern tuinbouwbedrijf. Deze schaalgrootte zorgt ervoor dat er meer mogelijkheden ontstaan om op economische wijze investeringen te doen in nieuwe technologieën. Duidelijke voorbeelden zijn WKK-installaties, warmte- en koudeopslag en diepe geothermie (aardwarmte). Daarnaast is ook de toeleverende industrie - de kassenbouwers, de tuinbouwinstallateurs en de adviesbureaus - veel nadrukkelijker gaan innoveren. Er zijn tevens nieuwe marktpartijen opgestaan met innovaties als de Gesloten Kas of de Fiwihex warmtewisselaar.
In alle drukte tijdens het innoveren, zo zou je bijna denken, heeft de sector eigenlijk nooit de tijd genomen om al hun technische kennis – die in grote mate maar verspreid aanwezig is – eens op duidelijke wijze vast te leggen. Theoretische kennis over de tuinbouwtechniek was tot vorig jaar slechts met een lantaarntje te vinden. De realisatie van de ISSO-publicaties 86, 87 en 88 heeft daar nu verandering in gebracht. De technische kennis van de constructie van kassen, de verwarmingsinstallatie en de bewateringsinstallatie is nu opgeschreven en vastgelegd. De komende jaren zullen ook andere disciplines van de tuinbouwtechniek in deregelijke publicaties worden gebundeld. Maar wat daarnaast minstens zo belangrijk is, is de mogelijkheid om op basis van de kennis in de ISSO-publicaties de kwaliteit van het werk van toeleveranciers te certificeren. Samen met branchevereniging AVAG is een certificeringstraject opgezet waardoor ondernemers kunnen aantonen dat zij via vastgelegde normen en criteria hun installaties realiseren.
Dit alles maakt de glastuinbouw, en meer in het bijzonder de techniek achter de moderne tuinbouwkas, een bijzonder innovatieve sector die nu weet hoe zij innovaties in heldere banen kan leiden. De ambitie om in 2020 op grote schaal met klimaatneutrale kassen te gaan werken en zelfs kassen in te zetten als energieleverancier, is met deze stappen een flink stuk dichterbij gekomen.
Aantal:
|