|
Samenvatting:
ISSO heeft samen met de stichting ‘Meer Met Minder’ een methode ontwikkeld voor het opstellen van een Binnenmilieuprofiel voor bestaande woningen. Deze methode is beschreven in de nieuwe ISSO-publicatie 82.4 ‘Binnenmilieuprofiel woningen’.
Inzicht in Binnenmilieukwaliteit Het Binnenmilieuprofiel geeft de opdrachtgever (eigenaar of bewoner) inzicht in de te verwachten binnenmilieu kwaliteit, als aanvulling op het Energielabel. In de methode voor het binnenmilieu profiel staan het gebouw en de installaties centraal. Bewonersafhankelijke factoren, zoals inrichting en gebruik, worden buiten beschouwing gelaten.
Hoe werkt deze methode? Met het Binnenmilieuprofiel beoordeel je een woning met een horizontale ‘stoplichtscore’ (groen, oranje, rood) op acht verschillende binnenmilieu aspecten: luchtverversing, vocht en schimmel, verbrandingsgassen, thermisch comfort winter, oververhitting zomer, installatiegeluid, geluidisolatie en daglichttoetreding. Op de achterzijde van het Binnenmilieuprofiel vind je – afhankelijk van de scores – een aantal standaardadviezen om het binnenmilieu in een woning te verbeteren.
Wat kunt u verwachten? Publicatie 82.4 beschrijft onder andere het volgende:
- de opbouw van het Binnenmilieuprofiel;
- de relatie tussen het Binnenmilieuprofiel en het Energielabel;
- de opnamemethode waarmee de scores op het Binnenmilieuprofiel bepaald worden;
- een aantal standaard binnenmilieu verbeterende maatregelen die je in woningen met een binnenmilieuprobleem kan nemen.
Voor wie is deze publicatie? De publicatie is bedoeld voor degenen die beroepsmatig een Binnenmilieuprofiel voor woningen opstellen, bijvoorbeeld EPA-adviseurs. Voor het maken van een Binnenmilieuprofiel voor woningen moet de adviseur de cursus ‘Binnenmilieuprofiel woningen’ (in ontwikkeling) met succes afgerond hebben.
Aantal:
|